Camps laat geen gelegenheid voorbijgaan zijn afkeer voor De Wever en de NVA uit te spuwen. In een vorig leven een braaf verdediger van CVP-belangen heeft hij zich nu eindelijk bevrijd en is hij ’links’ geworden. Door tegen die ‘rechtse’ Vlamingen uit te varen kan hij, zoals zo vele andere ‘linksen’, aantonen hoe ‘links’ hij wel is. ‘Rechts of ‘links’, daar is het me deze keer niet om te doen. Wel om de stuitende vulgariteit en het laaghartige populisme van Camps’ taal. Hij ontsiert naar mijn mening de krant waarin hij dagelijks schrijft, De Morgen, en betekent als journalist een gevaar voor de maatschappij.
De Wever had het dan ook erg bar gemaakt. Hij was pijnlijk getroffen door het geval Pol Van Den Driessche en de hele heisa rond Jos Ghijsen, en was tegen de media uitgevallen. Zijn uitdrukkingen lieten er geen twijfel over bestaan. De media hebben volgens De Wever alle geloofwaardigheid verloren.“Geen hond gelooft de journalisten nog. Mochten ze buiten komen, ze zouden het zelf kunnen vaststellen.” “De media worden uitgespuwd, maar niemand durft het luidop zeggen.” En nog van die krasse uitspraken.
Een uitstekende gelegenheid uiteraard voor de ‘linksen’ om nu De Wever op de korrel te nemen. De Wever is de man die op zijn wensen door de media wil bediend worden, hij duldt geen tegenspraak. Zo reageert een ‘linkse’ stem. Karakteristieke reactie: men gaat niet in op wat gezegd wordt en wat al dan niet zinnig of verdedigbaar is. Men speelt direct op de man, breekt het imago af. Pleegt karaktermoord, zoals het heet. De inhoud van De Wevers uitval doet er niet toe. Of nog: De Wever reageert maar zijn frustratie af, hij die zelf in de schijnwerpers staat , voelt zich nu tekort gedaan, omdat zijn partijgenoot door de media werd afgeschoten. Maar dat klopte wel, men kan het moeilijk anders zeggen. Van Den Driessche mag dan al een mannetjesputter zijn die in de politiek geen plaats verdient, en De Wever had eerder zelf al duidelijk gezegd dat seksuele intimidatie voor een politicus niet aanvaardbaar was. Dat is nog geen reden om zijn proces in de media te maken. Dat is la société du spectacle op zijn slechtst. Een horror voor de democratie. En van waar het verwijt, uitgerekend aan het adres van De Wever, dat hij in het licht van de media wil staan? Ook dat is karakteristiek voor de selectieve verontwaardiging van de ‘linksen’. Zoeken andere politici niet het voetlicht? Doen andere politici nooit eens krasse uitspraken? Kramen ze nooit eens onzin uit? Neen, klaarblijkelijk is het vooral en steeds weer De Wever die zo iets doet. Foei, rechtse rakker!
Zelfs de hoofdredacteur vindt het niet helemaal kosher dat De Wever zo iets durft zeggen, nadat hij zelf de media heeft opgezocht. Ik vind zijn verrassing verrassend. Hoeveel politici vrijen niet de media op? Verliezen ze dan meteen het recht van spreken? Mogen de media zelf nog opiniëren? Dat doet De Morgen toch zelf, dacht ik, en met recht. Wouter Verschelden meent ook dat het probleem gelegen is in de verhouding tussen de media en de politiek. Dat behoort er toe, zeker. Maar gaat het niet veeleer om de ruimere context van dat probleem? Over de deontologie van de media binnen het kader van een rechtstaat en een democratie? In welk regime leven we, als een Canvas-programma gebruikt wordt om, decennia post factum, beschuldigingen uit te spreken?
De uitval van De Wever is emotioneel uiterst geladen. Overtrokken en eenzijdig ook. Maar het zou me te ver voeren om daar in detail kritisch op in te gaan. Ik wens De Wever niet te verdedigen. Maar hij kraamde alleszins geen onzin uit. Hij had het over een angstwekkend fenomeen dat elke journalist zorgen zou moeten baren en doen nadenken. In de plaats daarvan plaatsen ze zich zelf voor de spiegel: ‘Ik ben nog een goeie. Hij niet.’ Morele masturbatie.
Camps heeft een leuk pennetje. Soms gebruikt hij dat om iemand een pluim te geven. Soms ook om aan zijn woede uiting te geven, wanneer zijn rechtvaardigheidsgevoel gekwetst is. Meestal echter om zijn haat en ressentiment te uiten. En nu dus, voor de zoveelste keer, tegen De Wever. Nergens gaat Camps in op de inhoud van De Wevers verontwaardigde uitspraken. “Een fringale”, noemt hij De Wevers woedende uitval. Daar is sprake van “kenmerken van hondsdolheid”, van zijn “hysterische mediageloei”, van een “laatste stuiptrekking van zelfhaat”, van een “mediajunk”. De Wever wordt aangevallen, omdat hij een vermageringskuur deed, en dat in de media heeft getoond. De taal die Camps hier gebruikt is ronduit fascistisch: “Een razernij die allen te definiëren is door groot lichamelijk ongemak. Het laatste was al langer aan de Grote Leider af te lezen: holle ogen, ingevallen wangen, vel over ’t been. Patiënt.” Men kan ook spotten met de kromme neus van de Jood.
Het hele gedoe van Camps illustreert precies wat door De Wever, zij het dan op inadequate manier, aangekaart wordt. Dat er iets rot is met onze media. Dat ze de wereld tot een waanzinnig spektakel maken. Tot een société du spectacle. Om van te gruwen. De directe voorbereiding tot een nieuw totalitarisme. Met Camps als regie-assistent.
Angry Old Man Two


